Wat mensen verandert

Zondag 6 december 2015, 1ste zondag van de advent (jaar C)

De ouderen onder ons herinneren zich vast nog wel de tijd dat wij tijdens de Mis gebruik maakten van een missaal waarin alle teksten stonden in het Latijn met daarnaast de Nederlandse vertaling. Ik weet nog goed dat ik de tekst van het Evangelie dat wij zojuist lazen zo imponerend vond dat ik hem helemaal van buiten leerde. In het Latijn dan nog. Want in de taal van Virgilius en Cicero klinken de zinnen nog veel indrukwekkender: “Anno Quintodecimo imperii Tiberii Caesaris …”, “In het vijftiende regeringsjaar van keizer Tiberius …”, zo begint het. En daarna volgt een hele opsomming van allerlei hoogwaardigheidsbekleders die op dat moment in Palestina een of andere vorm van gezag uitoefenden.

Datering
Merkwaardig dat juist deze tekst mij zo fascineerde, terwijl de hele Bijbel toch wemelt van anekdotische verhalen over koningen en keizers, over veroveraars en veldslagen. Terwijl hier: geen enkel verhaal, gewoon een droge opsomming.
Ik moet dus als kind of jongere toch al op een of andere manier gevoeld hebben dat hier iets volstrekt unieks werd meegedeeld. Iets dat volkomen nieuw was in de geschiedenis van godsdienst en geloof. En dat was ook zo. De opsomming van al die hoogwaardigheidsbekleders probeert ons op geen enkele manier informatie te geven over wie er allemaal belangrijk was in die tijd. Ze worden alleen maar ten tonele gevoerd, gebruikt eigenlijk, om een precies tijdstip in de geschiedenis aan te geven. Men kon in die dagen uiteraard nog niet spreken over vóór en na Christus zoals wij dat nu doen. En dus krijgen we de genoemde opsomming: “Toen Tiberius 15 jaar aan de macht was in Rome en Pilatus de eerste man was in Judea, Herodes in Galilea, Lysander in Iturea onder de hogepriesters Annas en Kajafas …”. Men probeert zo nauwkeurig mogelijk het precieze tijdstip aan te geven waarop het onvoorstelbare is gebeurd: het binnenkomen van God in onze menselijke geschiedenis.

Uniek
Wij staan er misschien niet bij stil, maar aan de oorsprong van ons geloof ligt een historisch feit: de mens Jezus. Een mens van wie wij geloven dat toen hij geboren werd Godzelf lijfelijk in onze wereld binnenkwam. Dit was volstrekt uniek. Alle andere godsdiensten vinden hun oorsprong in een mythisch verleden. In verhalen over helden en halfgoden, goden en godinnen die, in de tijd dat de dieren nog spraken, allerlei geweldige dingen hebben gedaan. Of ze gaan terug op orakels, wetgevers en profeten, mensen die beweerden “verlicht” te zijn en te spreken namens God. Ze legden de mensen vaak ondraaglijke lasten op en bedolven hen onder wetten en regels, onder geboden en verboden.
Jezus deed dat niet. Als je wil weten hoe je moet leven, hoef je maar gewoon naar Hem te kijken: Hij leefde het ons voor. Jezus was een man die zo sterk in het leven stond dat hij bevrijdend kon zijn voor anderen. Hij hield van het leven en van de mensen. Als ze gelukkig waren feestte Hij met hen mee. Als ze terneergeslagen zaten trok Hij hen recht. Jezus bracht leven in het leven van mensen. En Hij verlangt van ons dat wij precies hetzelfde doen.

Reden
Opdat wij “goede mensen” zouden zijn die een ethisch verantwoord leven zouden leiden? Omdat de wetgever dat van ons vraagt? Opdat wij goede burgers zouden zijn? Volstrekt niets van dat alles! Wél omdat God, de diepste grond van het bestaan, dat van ons verlangt. Daarom ook dat het liefdevol in het leven staan volledig overeenstemt met wat wijzelf ten diepste willen. En dat het gegeven zijn aan anderen ook onszelf bevrijdt en gelukkig maakt. Het zal u ondertussen wel opgevallen zijn dat we hier nog altijd op het terrein van de ethiek en de psychologie zitten. En zodoende zijn we ook overgeleverd, met huid en haar, aan de mensen die je dan fijntjes vragen of je wel christen moet zijn om een goed mens te wezen. Maar, geloof mag dan al ethisch handelen tot gevolg hebben, het gaat wezenlijk over iets heel anders.

Relatie
Geloof gaat niet over het kennen en aanvaarden van een aantal stellingen of waarheden en ook niet over het naleven van een aantal morele gedragsregels. Geloven gaat over een ontmoeting. Een ontmoeting met de levende Heer, de verrezen Christus. En dus, met God. Ik ben er mij van bewust dat dit nogal hoogdravend en ook een beetje “ver-van-mijn-bed” klinkt. Maar zie het zo: als christen is de figuur van Jezus heel belangrijk in je leven. Je hoort over Hem, thuis en op school, je geraakt er min of meer door gefascineerd. Je leert met Hem spreken. Je bidt. Langzaam maar zeker wordt de historische Jezus een werkelijkheid in je leven. Je ontdekt dat Hij inderdaad de levende Heer is, die met je meegaat en van je houdt. En vanuit die relatie met Jezus begin je meer en meer een ander mens te worden, anders te leven, je anders te gedragen.
Je moet daar wel inspanningen voor doen, maar het lijkt of het je geen moeite kost. Je moet niet langer moeizaam proberen een goed mens te zijn. Iets wat je, op eigen kracht, trouwens zelden langer lukt dan enkele uren. Dat hoeft niet meer. Omdat je contact hebt met de Bron van alle goedheid en liefde. En dát verandert een mens. Inspanningen alleen hebben nog nooit een mens veranderd. Jezus in je leven binnenlaten wel. Grondig zelfs. Langzaam maar zeker.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s