Vertrouwen

Zondag 29 mei 2016, 9de zondag door het jaar (jaar C)

De Romeinse aanvoerder die we vandaag in het evangelieverhaal ontmoeten is 2000 jaar na het gebeuren nog altijd een toonbeeld van onvoorwaardelijk geloof en vertrouwen in Jezus. Hij vindt het niet nodig dat Jezus naar zijn huis komt om, zoals andere wonderdoeners en gebedsgenezers uit die tijd dat deden, de zieke ter plaatse te bewerken met rituele gebaren en toverspreuken. “Één woord van u is voldoende”, zegt hij. “Ik ben niet waardig dat Gij onder mijn dak komt, maar één woord van u en mijn knecht zal gezond zijn”. Het geloof van de honderdman is radicaal en zonder compromis. Zijn vertrouwen onvoorwaardelijk. Hij is er zeker van dat Jezus hem kan helpen. Hij levert zich met huid en haar over aan diens  goodwill. Er is geen plan B. Als Jezus, om welke reden dan ook zijn verzoek niet inwilligt, verliest de Romein niet alleen zijn knecht maar ook zijn gezicht. Dan heeft hij zich alleen maar belachelijk gemaakt in de ogen van de Joden die als onderdrukte  schat – plichtigen aan Rome, zoal niet van hem moesten hebben.

Franciscus
De radicaliteit van het geloof en het vertrouwen van de honderdman is de eeuwen door altijd een ideaal gebleven voor alle christenen. Een moeilijk ideaal. Bijna onnavolgbaar. Wij willen wel geloven, wij willen wel vertrouwen op God en op Jezus, maar tegelijk is er ook dat beetje ongeloof dat wij nuchterheid noemen en dat ervoor zorgt dat wij voldoende zekerheden inbouwen om niet op onze bek te gaan. Misschien kan het voorbeeld van Franciscus van Assisi dat duidelijk maken. Franciscus was een veelbelovende jongeman, de enige zoon van bijzonder welgestelde ouders. Hij was aantrekkelijk van voorkomen en aangenaam in de omgang, gerespecteerd door de mannen en geliefd bij de vrouwen. En dan opeens wordt hij gegrepen door Christus en neemt hij een bocht van 180°. Denk aan de beroemde scène vóór de kathedraal van Assisi waarbij hij zelfs de kleren die hij aan heeft uitdoet en “terug geeft” aan zijn vader. Het is goed hierbij te bedenken dat Franciscus niet handelt vanuit een (plotse) afkeer van de wereld maar vanuit een heel bewuste keuze voor Christus. Hij wil gelukkig zijn. Hij is dus ook geen filosoof die zijn heil voortaan gaat zoeken in een sober en ascetisch leven. Hij wil gelukkig zijn en hij is ervan overtuigt dat hoe dichter hij bij Christus komt, hoe radicaler hij de Heer volgt, hoe voller en gelukkiger zijn leven zal zijn. En dáárom laat hij al het andere achter.

Ernstig blijven
Nu is Franciscus natuurlijk een geestelijke reus en wellicht en hopelijk wordt niet van ieder van ons een dergelijke radicaliteit verwacht in het nastreven van het evangelisch ideaal. Maar wat van elke christen in ieder geval mag verwacht worden is dat wat hij besteedt aan aandacht en geld voor mensen in nood hem toch enigszins uit zijn comfortzone haalt. Eén keer per jaar een stickertje kopen van één of ander goed werk telt niet. Je moet je natuurlijk niet zelf in de armoede storten maar het mag wel een klein beetje pijn doen. Anders ben je voor jezelf alleen maar een goed gevoel aan het kopen.

Probleem
Bij dat alles moeten we er wel voor oppassen dat wij het geloof niet verengen tot een moraal, tot een kwestie van je sociaal opstellen en je inzetten voor het welzijn voor anderen. Dát hoort erbij, is een natuurlijk uitvloeisel van het geloof, maar het is niet het geloof zelf. In het Christendom gaat het in de eerste plaats om een persoonlijke relatie en een vertrouwvol omgaan met God.
Als christen vertrouw je erop dat niet materieel welzijn maar je geloof in God je leven zinvol, vruchtbaar en ook gelukkig maakt. En hier stelt zich duidelijk een probleem voor mensen zoals wij die leven in een welvaartstaat (die overigens voor een groot stuk door christenen gemaakt is). Wij moeten niet meer zoals de honderdman naar Jezus gaan voor onze zieke knecht. Wij hebben geld en wij beschikken over zowat de beste gezondheidszorg van de hele wereld. En zo zijn er nog vele andere problemen waarvoor men zich vroeger naar het geloof keerde maar die nu door de welvaart en het sociale netwerk grotendeels worden opgevangen.

Baken
Voor een christen komt het er nu op aan nuchter te blijven en een klare kijk op de dingen te behouden. En niet te bezwijken onder de druk die van alle kanten wordt uitgeoefend om mensen te laten geloven dat geluk hetzelfde is als welvaart. En dat een voldoening gevend en zinvol leven met geld kan worden gekocht. Gelovigen in deze tijd zijn mensen die, genietend van de zegeningen van de welvaartstaat, ondertussen zeer goed beseffen dat het consumentisme van deze tijd, mensen juist degradeert, misbruikt en leeg en verfrommeld achter laat. Ze beamen ten volle dat welvaart een zegening is. Maar ze weten ook heel goed dat je om een voldoening gevend, zinvol en gelukkig leven te leiden je beter naar de raadgevingen van Jezus luistert dan naar die van de reclame.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s