De grote “later” smoes

Zondag 7 augustus 2016, 19de zondag door het jaar (jaar C)

Hebt u dat soms ook dat u denkt: wat voor een rommel heb ik hier toch allemaal staan in mijn huis! En met rommel bedoel ik dan niet kapot of versleten materiaal, maar allerlei dingen die ik in de loop der jaren zelf gekocht of gekregen heb en waar ik eigenlijk volslagen niets kan mee doen. Allerlei zaken die strikt genomen geen enkel nut voor me hebben, alleen maar plaats innemen. En toch doe ik ze niet weg. Zo heb ik toen ik priester werd een volledige eetplaats gekregen en twee eetserviezen, maar ik heb thuis nog nooit een etentje gegeven. De keren dat je gastheer bent ga je toch gewoon naar het restaurant, zeker als je – zoals ik – alleen bent en van koken geen verstand hebt. Waarmee meteen ook gezegd is dat die kast vol kookpotten en pannen die ik van mijn moeder kreeg compleet onaangeroerd de geschiedenis zal ingaan. En zo heb ik ook een hele hoop boeken – en ik koop er nog voortdurend bij – die ik, ook als ik tweehonderd jaar wordt, nooit uitgelezen krijg. Terwijl ik van een massa plastieken hoezen niet eens weet of ze muziek dan wel films of foto’s bevatten.

Angst
Waarom doen we dat eigenlijk, ons helemaal omringen met allerlei hebbedingen waar we eigenlijk niets kunnen mee doen? Ik denk dat heel die hebberigheid van ons, die neiging om op te potten en te verzamelen, veel meer dan gewoon zoeken naar comfort, een verlangen naar veiligheid en zekerheid laat zien.
Dat het een manier is om een sluimerende angst, diep in ons, te bezweren. Dat – en ik ben geen psycholoog, ik zeg gewoon wat ik denk – dat onze angst voor de dood en de intense dreiging die van ons sterfelijk zijn uitgaat ons ertoe brengt ons te omringen met zaken die ons moeten helpen om onze sterfelijkheid te vergeten. Je kan dat ook proberen met het najagen van geld en macht, wat je ook een enorm gevoel van veiligheid zou kunnen geven. Of je kan dat proberen met je helemaal onder te dompelen in een leven van alleen maar genieten. Wat je hetzelfde gevoel van “hier komt nooit een einde aan” kan geven. Maar het einde komt onvermijdelijk. En het komt vaak zelfs plots en onverwacht, voor juist die mensen die dat einde altijd hebben weggeduwd, altijd met dingen zijn bezig geweest die hun gedachten van dat einde moesten weghouden. Ze zijn helemaal onvoorbereid. Het verdict van de dokter brengt totale ontreddering en diepe wanhoop.

Uitstellen
Wat Jezus ons vraagt is niet dat we de godganse dag alleen maar zouden bezig zijn met aan de dood te denken. Maar wel dat we bij de keuzes die we maken het besef van onze sterfelijkheid levend houden. Ons leven zal ooit eindigen. En als het zover is zal ons, onvermijdelijk, de vraag gesteld worden wat we ermee gedaan hebben. We zullen die vraag zelf stellen. Wanneer wij ons leven verdaan hebben met waardeloze dingen en we geen enkele gelegenheid te baat namen om uit te groeien tot een liefdevolle mens, zal ons eigen oordeel veel strenger zijn dan dat van God. En dat zal de wanhoop alleen maar erger maken. Vandaar de voortdurende waarschuwingen van Jezus om onze eindigheid serieus te nemen. En vooral niet alles te verschuiven naar “later”. “Later heb ik nog tijd genoeg om mij met de diepere dingen bezig te houden. Later, als ik oud en rustig ben geworden, zal ik mij wat meer bezig houden met wat God van mij vraagt.”
Maar nu moet ik mij vooral goed amuseren, van het leven genieten. En de pret vooral niet laten bederven door de tranen in de ogen van armen, van zieke en eenzame mensen. Later heb ik daar nog tijd genoeg voor. “Eerst wil ik leven …”

Nu
Maar, misschien komt er geen “later”. Bovendien, zelfs als je oud zou worden is het weinig waarschijnlijk dat je “later” ineens vanzelf anders gaat leven dan je tot dan toe altijd gewoon bent geweest. Vandaar Jezus’ raad, nogal afschrikwekkend maar wel efficiënt: leef elke dag alsof het je laatste zou zijn.
Wees nu een liefdevol mens of word het vanaf nu. Misschien krijg je die kans later niet meer. Begin er nu aan. Nu, op dit moment. Iemand heeft dit ooit genoemd “het sacrament van het heden”. Nú moet ik beslissen om een ander mens te worden. Het maakt totaal niet uit of ik 25 ben of 85. Als ik nu beslis vanaf nu een ander, een beter, een meer liefdevol mens te worden dan wordt vandaag de belangrijkste dag uit mijn leven. Dan telt gisteren niet meer of morgen. Alleen vandaag. Het sacrament van het heden. Nu, nog voor ik de kerk verlaat, moet ik beslissen een beter mens te worden.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s