Jezus extremist?

Zondag 12 februari 2017, Zesde zondag door het jaar (jaar A)

De evangelielezing van vandaag confronteert ons met een Jezus die ongewoon radicaal uit de hoek komt. Wij zijn dat niet gewoon van hem. Of beter, wij zijn gewoon van die kant van hem enigszins te negeren. Om ons helemaal toe te spitsen op de zachte, barmhartige, vergevende . . . romantische Jezus. Maar Jezus is radicaal. En het mooie aan hem is, dat hij desondanks toch een volkomen integer persoon is. Er valt bij hem geen spoor van gespletenheid te ontdekken. Zijn zachtheid en menslievendheid zijn volkomen in overeenstemming met zijn radicaliteit. De man die moest huilen bij de lijkbaar van een kind en die ook zijn tranen niet kon bedwingen bij het graf van een vriend; de man die met ogen vol liefde en tederheid keek naar mensen die door anderen met de vinger werden gewezen; de man die met zijn wonderlijke verhalen over een afgedwaald schaap, een weggerold muntje, een verloren zoon, de harten raakte van de meest gewone mensen was heel en al barmhartigheid en liefde. Elke ontmoeting met hem, zelfs een heel gewone, heel toevallige ontmoeting, had een diep-genezend effect op al wie gebukt ging onder welke last dan ook. Dat wonderlijk effect heeft een ontmoeting met Jezus overigens nog altijd, ook vandaag.

Radicalen
Maar, en dat is toch wel heel merkwaardig, diezelfde Jezus heeft het ook over:
“Als je oog je ergert, ruk het uit, als je hand je ergert, hak ze af”. Hoe kan dat nu?
Ik denk dat het heel belangrijk is om te zien dat als Jezus’ zachtmoedigheid en radicaliteit naadloos op elkaar aansluiten, dit alles te maken heeft met de heel bijzondere aard van zijn radicaal-zijn. Laten wij eens even nagaan aan welk type mensen wij denken als wij het hebben over “radicalen”. Om te beginnen valt het al op dat radicale ideeën betrekking kunnen hebben op vele domeinen van het leven. Het gaat over extreme opvattingen betreffende de politiek, de economie, het geloof, de opvoeding … In feite kan zowat alles wat mensen bezighoudt aanleiding geven tot het ontstaan van radicale ideeën. Maar hoe verschillend van aard hun actieterrein ook mag zijn, alle radicalen hebben twee grote punten gemeen:
1    Ze willen allen op een of andere manier de wereld verbeteren.
2    Om dat toekomstige geluk voor de mensen te kunnen bereiken moeten er nu
serieuze offers gebracht worden.
Dat “brengen van offers” kan variëren van het knabbelen door de overheid aan de pensioenen tot en met het uitmoorden van minderheidsgroepen. Met al de gradaties daar tussenin. Maar essentieel voor elke radicaal, voor elke extremist, is de vanzelfsprekendheid dat mensen nu mogen geofferd worden aan een denkbeeldig geluk in de toekomst. En hier ligt het grote verschil met Jezus.

Wereldverbeteraars
Al de anderen die ooit grote politieke, sociale of religieuze bewegingen op gang brachten wilden de wereld veranderen en verbeteren. Jezus daarentegen wil op geen enkele manier de wereld verbeteren. Hij wil de mens, elke mens, veranderen door hem uit te nodigen God in zijn leven binnen te laten. En de ironie wil dat uitgerekend deze Jezus het aanschijn van de wereld grondig veranderd heeft, grondiger dan welke wereldverbeteraar ook. Maar hij stierf nog liever zelf dan andere mensen de dood in te jagen om zijn ideeën door te drukken. Het enige offer dat Jezus vraagt, is dat wij zelf ons eigen egoïsme aan het kruis zouden slaan, dat wij God zouden toelaten om ons om te vormen tot liefdevolle mensen. En dat wij dáár offers brengen. En onder geen enkel beding andere mensen opofferen of laten opdraaien voor onze ideeën. Dat wij snoeihard werken aan onszelf. En alles radicaal wegsnijden wat ons kan hinderen om dichter bij God te komen en een meer liefdevol mens te worden.

Anders
Ziedaar de radicaliteit die Jezus van ons vraagt. Je ziet dus heel duidelijk het verschil met de wereldverbeteraars. Omdat bij Jezus de liefde voor de mens, voor elke mens, centraal staat, mag nooit ook maar één enkele concrete mens opgeofferd worden aan welk toekomstig droombeeld ook. Maar om hem te volgen moet je dus wel heel radicaal zijn voor jezelf. En om dat te benadrukken schrikt Jezus niet terug voor dichterlijke overdrijvingen. “Als je oog je ergert, ruk het uit. Als je hand je hindert, hak ze af”. Jezus wil daarmee beklemtonen hoe noodzakelijk het is dat wij zonder enig pardon ons “ik-ben-het-centrum-van-de-wereld-gevoel” intomen en elke vorm van vijandigheid tegenover andere mensen de kop indrukken. Om open te kunnen komen voor de liefdevolle impulsen die van God komen.

Liefde
Een niet onbelangrijke bedenking hierbij. Ascese, het jezelf van alles ontzeggen, is geen doel op zich. Er zijn ooit christenen geweest die daar zo ver in gingen dat ze het zichzelf moeilijk konden vergeven dat ze honger hadden. Dat was een afwijking.
God wil dat wij gelukkig zijn. Maar u en ik, wij zijn alleen maar echt gelukkig als er liefde in ons leven is. Als wij beminnen en onszelf ook bemind weten. Dát is duidelijk het doel van een mensenleven. En om daar te geraken kunnen wij niet anders dan onze primaire driften van grijpen en heersen en slaan, radicaal intomen. Maar alleen daarom. Omdat Liefde de zin en het doel van ons leven is.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s