Gezonden

Zondag 18 juni 2017 – 11de zondag door het kerkelijk jaar A

Het Evangelie van vandaag brengt ons het relaas van de zending van Jezus’ leerlingen. Dat relaas is klaar en duidelijk en kan moeilijk misverstaan worden. Om te beginnen is de oproep gericht tot iedereen die hem wil volgen. Jezus heeft zich nooit beziggehouden met de vorming van een aparte klasse van priesters en predikanten of met het uitbouwen van structuren. Hij ging, zoals er geschreven staat, “al weldoende rond” en aan iedereen die hem wil volgen vraagt hij om hem inderdaad ook gewoon te volgen. M.a.w. om juist hetzelfde te doen als hij heeft gedaan. En wat heeft Jezus dan precies gedaan? Ook dat is heel eenvoudig samen te vatten in twee punten.

Vertrouwen en loslaten
Vooreerst heeft hij ons God leren vertrouwen als een Vader die van ons houdt en die ons draagt doorheen alle lijden, zelfs doorheen de dood.
Een God die ons nooit zal laten vallen, die altijd nieuwe toekomst voor ons openbreekt. Dat vertrouwen is meer dan nodig, opdat wij onszelf zouden durven loslaten om ons te geven aan anderen. Dat is het tweede punt.
God is inderdaad liefde, maar het zijn vooral wij die zijn liefde onder de mensen gestalte moeten geven. Hij wil ons daarvoor nodig hebben.
Het Rijk van God groeit dáár waar mensen toelaten dat God hen a.h.w. gebruikt om zijn liefde voor mensen gestalte te geven. Het groeit daar waar mensen zich laten raken door de schreeuw om warmte, genegenheid en vriendschap van mensen die “afgetobd neerliggen als schapen zonder herder”. Het Rijk Gods gebeurt daar waar mensen eenzamen en uitgestotenen opzoeken, zieken genezend nabij zijn, waar mensen luisteren naar het verhaal van diegenen die het gevoel hebben dat niemand hen nog interessant vindt.

Veelkleurig
Maar evengoed is het Rijk Gods daar waar grootschalige initiatieven, wetenschappelijk onderzoek en moedige politieke beslissingen ten goede komen aan diegenen die duidelijk het verkeerde lotje getrokken hebben in de loterij en die altijd in het hoekje zitten waar de slagen vallen. Dat zijn de twee dingen die Jezus van zijn volgelingen vraagt. Volledig vertrouwen op God, wat je ook overkomt: Hij draagt ons en Hij heeft het laatste woord.
En dan, vanuit dat vertrouwen in God, jezelf durven loslaten om je helemaal te kunnen geven aan mensen die je nodig hebben. En die misschien niet eens nog beroep op je durven doen. Omdat ze alle geloof in God en in de mensen verloren hebben.

Fake and …
Nu besef ik ook wel dat sommigen onder u de wenkbrauwen zullen fronsen, als ze me zo bezig horen en vinden dat het toch ook niet zo erg gesteld is met onze samenleving. Er is toch ook de welvaart, de geneeskunde, het sociale vangnet. En dat is natuurlijk zo. En ik wil zeker geen predikant van ‘ doom and gloom’ zijn. Daarvoor hou ik te veel van het leven en ken ik te veel mensen die het leven voor mijzelf en voor zovele anderen aangenaam en gelukkig maken. Maar als ik dan al die billenkletsprogramma’s zie op de Vlaamse tv-zenders, al die programma’s van grappen en grollen waarin mensen voortdurend bijna over de grond rollen van het lachen, dan denk ik toch: dát is in ieder geval niet het echte leven. Sterker nog, in feite versterken zulke programma’s bij (misschien wel de meerderheid van) de kijkers het gevoel dat zij zelf toch maar een triestig en ongelukkig leven leiden, dat ze enorm veel aan het missen zijn, dat ze er duidelijk niet bij horen.

… fantasy
Ach, voor mijn part moeten die programma’s niet weg. De plezante jongens en meisjes die daarin optreden weten waarschijnlijk zelf ook wel dat hun vrolijke opgewektheid geen afspiegeling is van de echte samenleving.
Maar beseffen onze mensen dat nog voldoende? Beseffen onze jongeren dat nog? Het wegdeemsteren van het christendom in onze gewesten is allang geen kwestie meer van “niet meer naar de Mis gaan”. De geestelijke ontbossing gaat altijd maar verder. Zelfs in onze dorpen groeten zeer vele mensen elkaar niet meer op straat. Alleen nog de vrienden van de sociale media. Maar die worden dan ook uitgebreid geaaid en geknuffeld.
En zo creëren mensen meer en meer hun eigen wereld: iedereen die ze niet leuk vinden wordt daar buiten gehouden. Maar dat is natuurlijk niet de echte wereld! Ouders dromen van een mooie toekomst voor hun kinderen.
Maar je krijgt de indruk dat “hard studeren” nog het enige is wat velen van hen van hun kinderen verlangen en zelfs ook eisen. Als ze dát echter doen, als ze goed blokken, dan lijkt het of ze de rest van hun dagen mogen vullen met genieten en zich ontspannen. Je vraagt je af of er nog genoeg aandacht is voor de gedachte dat ze ook iets moeten betekenen voor anderen, voor zwakken, voor minder gelukkigen …

Herder
Helemaal in het begin van de Bijbel blijft God Kaïn, die zijn broer vermoord heeft, achternazitten met de vraag: “Waar is je broeder?” Kaïn antwoordt daar korzelig op: “Ben ik soms de hoeder van mijn broeder?” Gans de Bijbel die daarna volgt is één lang uitgesponnen antwoord op die ene vraag.
En dat antwoord is: ja. Ik ben de hoeder van mijn broeder.

Onze andere Moeder

Zondag 11 juni 2017 – Feest van de H. Drie-eenheid (jaar A)

Je kan gerust en zonder de minste aarzeling stellen dat in de geschiedenis van de mensheid er nooit één vrouw geweest is die even geliefd, bewonderd en vereerd geweest is als Maria. Zelfs in onze tijd, nu de verafgoding van sportvedetten, filmdiva’s en mediafiguren vaak buitenissige proporties aanneemt, kan geen enkele van deze beroemdheden zich meten met Maria, met de enorme aantrekkingskracht die dit meisje uit Nazareth ook vandaag uitoefent op de harten van miljoenen mensen. En toch weten wij zo goed als niets over haar. Niet via de evangelisten en ook niet via de verslagen van andere tijdgenoten en ooggetuigen. En ook wetenschappelijk onderzoek of archeologische vondsten kunnen ons niet helpen. Wat dat betreft weten we meer over een schedel die ergens in Tanzania wordt opgegraven dan over de vrouw die tot in de verste uithoeken van de wereld vereerd wordt als de Moeder van God. Daardoor is de verleiding ook altijd groot geweest om Maria allerlei opvattingen en werkzaamheden toe te dichten die in werkelijkheid meer zeggen over ons dan over haar.

Bevrijder
Speciaal het “Magnificat” is altijd een rijke inspiratiebron voor onze fantasie gebleken. Maria wordt dan de sterke vrouw, de feministe, de patrones van de bevrijdingstheologie. Maar het Magnificat, waarin bezongen wordt hoe machtigen van hun troon zullen worden gestoten en eenvoudige mensen tot aanzien gebracht, heeft het niet over Maria maar over het bevrijdend optreden van God.
Het Magnificat is een gebalde en bijzonder krachtige verwoording van de kern van het joods-christelijke denken over God. Iemand heeft het ooit genoemd: de Marseillaise van het christendom. God wordt er in voorgesteld als Diegene die niet enkel oproept om goed te zijn voor elkaar, maar die mensen ook daadwerkelijk wil bevrijden uit elke vorm van onderdrukking en slavernij.
In het centrum van het jodendom staat de bevrijding van het volk uit het slavenhuis van Egypte. Dat is de oerervaring van Israël. Er is maar één God. Al die andere goden zijn nepgoden, die mensen onderdrukken en tot slaaf maken. Dat klinkt weinig verdraagzaam maar dat is wel het fundamenteel aanvoelen. Al de andere goden, ook de hedendaagse geld- en genotsgod, hebben wijzelf geschapen. En, hoe leuk ze ook lijken, uiteindelijk vernietigen ze ons. De ene ware God is fundamenteel een Bevrijder van mensen, op de eerste plaats van het volk Israël. Het christendom heeft dat inzicht verbreed naar alle mensen toe en naar ieder individu in het bijzonder.

Joods
En dat vind je dus wél bij Maria: de verwondering, de huiver, de verbijstering bijna dat “Hij die machtig is” zich ontfermd heeft over een klein eenvoudig meisje zoals zij en grote dingen aan haar heeft gedaan. Het fundamentele inzicht dat God een bevrijdende God is danken wij aan de joden. En het respect voor dat feit verklaart waarom wij christenen het Oude Testament blijven meezeulen, ook als daar nogal wat dingen in staan waar wij niet mee akkoord kunnen gaan. Christenen erkennen dus niet alleen de biologische evolutie in de Schepping (Darwin) maar ook de evolutie in het denken, ook in het denken over God. Het steeds beter begrijpen van de Openbaring. En zij hebben respect voor hun joodse roots.
Jezus was als mens een joodse man, die doordrongen was van het joods gedachtegoed. Hij heeft dat gedachtegoed verdiept en vernieuwd, maar je kan niet spreken van een totale breuk. Je kan integendeel de hele geschiedenis van Israël zien als een eeuwenlange voorbereiding van zijn komst. Wij erkennen dus dat het christendom schatplichtig is aan het jodendom, net zoals de verlichting op haar beurt ondenkbaar is buiten het christendom. Omdat dat laatste nogal eens ontkend wordt door vrijzinnigen en deze gedachte toch wel belangrijk is voor ons zelf-verstaan, komen we hier later op terug.

Omgang
Maar laat ons nu terugkeren naar Maria. Als je uit teksten zoals het Magnificat zo goed als niets kunt afleiden over Maria, behalve dan haar dankbare verwondering om wat God voor haar deed, hoe kunnen we dan iets over haar zeggen? Het simpele feit ligt daar dat wij nooit iets over haar kunnen zeggen, totdat we beginnen met iets te zeggen tégen haar. Pas als wij leren vertrouwelijk met haar omgaan, tegen haar spreken, bidden tot haar, beginnen wij te beseffen wie ze is en wat ze voor ons betekent. Maria is de vrouw die onnoemelijk dicht bij God staat en die tegelijk, naar de uitdrukkelijke wens van Jezus, ook onze moeder is. Eens dat wij daar diep van doordrongen zijn is alles gezegd. Dan gaan wij steeds meer en spontaan naar haar toegaan, op haar vertrouwen, onze vragen en problemen aan haar voorleggen. En ook al zal Maria, net zomin als onze biologische moeder, al onze problemen oplossen, we zullen steeds meer beseffen dat wij een Moeder in de hemel hebben die ongelofelijk veel van ons houdt. Er is op de hele wereld niets dat je zoveel grond onder de voeten geeft, je zo stevig op je poten zet, je zo intens gelukkig maakt als het besef dat iemand heel veel om je geeft en van je houdt. Maria houdt van ons en begrijpt ons, zoals alleen een moeder dat kan.

Recht op
Wij zouden echt ook met onze kinderen opnieuw meer moeten spreken over haar. Zij hebben daar recht op. Speciaal in deze tijd nu er zoveel gebroken gezinnen zijn, zoveel kinderen in instellingen leven, zoveel kinderen verwaarloosd worden. Maar ook als je een liefhebbende aardse moeder hebt blijft Maria belangrijk: ze is immers tegelijk de moeder van God en onze moeder. En dat wil toch wel iets zeggen! Of om in het wat meer hedendaagse termen te zeggen: houden van Maria is gezond. Zowel voor je ziel als voor je lichaam.