Demonen

Zondag 28 januari 2018, 4de zondag door het kerkelijk jaar B

“De mensen waren buiten zichzelf van verbazing over zijn leer, want Hij onderrichtte hen niet zoals de Schriftgeleerden, maar als iemand met gezag”. En de reden van dat gezag en van de indruk die Jezus maakte was denk ik niet zozeer zijn talent als redenaar, dan wel het feit dat Hij sprak in zijn eigen naam. Anders dan profeten, priesters en Schriftgeleerden, die altijd spreken namens God, heeft Jezus het over: “Maar ik zeg u” als Hij Gods wil uitlegt. En geconfronteerd met de man die bezeten is, start Hij geen ritueel of adviseert Hij de mensen niet om te bidden. Maar Hij geeft de onreine geest het bevel de man te verlaten. Het is de houding van de Man die later de adembenemende uitspraken zal doen: “Wie mij ziet, ziet de Vader” en “Ik en de Vader, wij zijn één”. Het is een houding, het zijn uitspraken die Hem aan het kruis zullen brengen. Jezus wil dat we kiezen. Ofwel verklaren we hem voor gek, ofwel geloven we inderdaad dat in Hem, een mens, Godzelf spreekt en handelt. Een andere mogelijkheid laat Hij ons niet.

Bevrijd
Het is duidelijk dat Jezus een buitengewone indruk maakte op zijn tijdgenoten. Zowel in zijn spreken als in zijn handelen. Omdat Hij oneindig veel meer was dan de zoveelste verkondiger van een of andere heilsleer. Wie met Hem in contact kwam werd ook echt bevrijd van wat hem beangstigde en klein hield. Jezus verlost mensen van elke vorm van bezetenheid, maakt boeien los, breekt deuren open van kerkers waarin mensen dreigen weg te kwijnen. Soms door de schuld van anderen, vaker nog door wat ze zelf willen en zoeken. Wekken wij die ons christen noemen hetzelfde op bij andere mensen? Voelen mensen zich bevrijd als ze ons horen en bezig zien? Kunnen wij mensen wel bevrijden, voelen wij onszelf bevrijde mensen? Kunnen mensen aan ons zien dat het geloof in Jezus andere mensen van ons maakt? Maakt het geloof ons gelukkig? Stralen wij rust en vreugde uit, niet omdat wij toevallig een aangenaam karakter hebben, maar omdat ons geloof dat met ons doet? Je kan die vragen ook anders en veel concreter stellen. Kan je aan ons spreken en handelen zien dat wij anders zijn dan niet-gelovigen? Kijken wij bijvoorbeeld anders tegen geld en bezit aan? Zie je bij ons een zekere reserve ten aanzien van de algemene jacht op aanzien, macht en bezit? Merk je iets van ons geloof in ons omgaan met andere mensen? Met mensen die arm of ziek zijn, met mensen in de knoei? Hoe staan wij ten aanzien van de aanbidding van het eigen ik, de ongebreidelde jacht op genieten, de steeds hardvochtiger wordende houding t.a.v. mensen “die ons alleen maar veel geld kosten”?

Bedroevend
Het antwoord op deze vragen is bedroevend: wij zijn volledig geassimileerd in onze maatschappij-zonder-God. Op enkele uitzonderingen na, verschillen wij in ons spreken, denken en handelen in niets van onze niet-gelovige medemens. Ons geloof is een “mening” geworden, zoals we een mening hebben over Trump en over Ronaldo. Iets wat weinig of geen impact heeft op ons leven. En dat is meteen ook de grootste, misschien wel de enige echte reden waarom wij het niet meer kunnen doorgeven aan onze kinderen.
Ons geloof kleurt ons leven niet. Wij geven niet de indruk dat ons bestaan ervan doordrongen is en daardoor lijkt het ook weinig belangrijk voor diegenen aan wie wij het zouden moeten doorgeven.

Vergissing
Soms zeggen wij hun zelfs dat we “dat ook allemaal niet zo nauw meer nemen, wij zijn tenslotte ook van deze tijd”. Een beetje geloof is goed, maar je moet daarin niet overdrijven”. Door zo te spreken denken wij misschien een wit voetje te halen bij het jonge volkje maar eigenlijk zeggen we hun dat ons geloof de moeite niet waard is. Waarom komen wij niet méér uit voor ons geloof? Speciaal tegenover jongeren? Alleen als wij hun durven spreken over de meerwaarde die het geloof aan ons leven geeft worden zij er nieuwsgierig naar. Mensen die op een eenvoudige manier kunnen spreken over hoe het geloof hen vrijmaakt, die vinden meer gehoor dan ze zelf vermoeden. Gelovigen die vraagtekens durven zetten bij de alles overheersende mythe dat geld, succes en macht ons levensvervulling en geluk bezorgen, die krijgen gegarandeerd de wind van voren, ook van jongeren. Want ook die jongeren weten diep in hun binnenste dat het gejaag naar geld en genot eigenlijk nog minder dan een mythe is. Het is een vlucht en een leugen. Het is angst voor de dood, verborgen achter een brede Hollywood-smile.

Geloof be-leven
Misschien moeten wij niet zozeer preken of discussiëren over het geloof. Misschien moeten wij gewoon tonen in onze manier van leven dat het geloof ons vrijmaakt van die angst. En dat wij bijgevolg ook minder behoefte hebben om ons te gooien op al die dingen die dienen om onze kwetsbaarheid voor ons uit te duwen en te vergeten. Om onszelf wat wijs te maken … Maar dan moeten wij natuurlijk ook wel elke dag werken aan ons geloof. Het verdiepen en versterken zodat wij het ook helemaal uitstralen.
Zodat mensen ook echt aan ons kunnen zien dat levensvervulling niet ligt in het involgen van onze driften en instincten. Maar in het navolgen van Jezus, de enige die ons echt kan bevrijden van onze diepste, ook onbewuste, angsten. De enige die echt levensvervulling geven kan.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s