Waarom vasten?

Zondag 18 februari 2018 – Eerste zondag van de Veertigdagentijd (jaar B)

Vorige week hadden we het erover dat in onze westerse wereld de eenzaamheid een grotere kwaal geworden is dan de armoede. En dat je als christen geroepen bent om, in navolging van Jezus, je in te zetten opdat gesloten deuren worden geopend en scheidingsmuren neergehaald zodat vereenzaamden terug in de mensenkring worden opgenomen, er weer helemaal bij horen. Tenminste als het gaat om een isolement, een eenzaamheid die hun door anderen wordt opgelegd. Omdat ze genegeerd worden, een etiket opgeplakt kregen en omdat als gevolg daarvan elk contact met hen gemeden wordt. Want er is natuurlijk ook een soort eenzaamheid die heilzaam is. Een soort eenzaamheid die we vrijwillig opzoeken om te ontsnappen aan de hectiek en het lawaai van onze moderne samenleving. Ook daarin is Jezus een voorbeeld.

Stilstaan
Aan het begin van zijn openbaar leven, als zich stilaan begint uit te kristalliseren wat Hij met zijn leven wil, trekt Hij zich veertig dagen lang terug in de woestijn. En hoe druk en zelfs slopend dat openbaar leven van Hem later ook werd, toch lees je voortdurend in het Evangelie dat Hij zich, om te bidden en om tot zichzelf te komen, regelmatig terugtrok op een eenzame plaats of in de stilte van de nacht. En dat is wat ook onze tijdgenoten zoeken in zelfgekozen eenzaamheid: tot jezelf komen, even van de draaimolen afstappen om stil te staan bij het doel van het bestaan en de zin van je eigen manier van leven. Vaak is dat ook een heel confronterend gebeuren. Iemand die het aandurft om de woestijn van stilte en eenzaamheid binnen te gaan, die merkt al gauw dat hij omringd wordt door allerlei wilde dieren die klaar staan om hem te bespringen en die dat inderdaad ook doen. Je wordt overmand door de meest wilde bekoringen en misschien is de meest verscheurende daarvan wel de vertwijfeling.
Het helemaal overhoop halende vermoeden, het akelig heldere besef dat je eigenlijk niet zelf leeft maar geleefd wordt door anderen.

Vervreemding
Dat je jezelf alleen maar wijsmaakt dat je een eigen levensproject hebt, eigen keuzes maakt en beslissingen neemt. Maar dat in werkelijkheid je leven voor een groot stuk bepaald wordt door je omgeving, je vrienden, je werk, de sociale conventies, de mode en de reclame. Steeds vaker ook door de dictatuur van de vergaderingen, de e-mails en de gsm’s. Het zijn anderen die voortdurend bepalen wat ik moet doen. Laat dát dus de eerste bedoeling zijn van de Vasten, de periode van stilte en bezinning die we zopas zijn binnengegaan: een heldere kijk krijgen op wat er allemaal leeft in en buiten onszelf aan impulsen, bekoringen, aanvechtingen en verplichtingen.
En hoe ons leven meer daardoor bepaald wordt dan door wat wij ten diepste zelf willen. Het is de bedoeling dat we dáár achter komen. Dat wij een klare kijk krijgen op wat wij ten diepste zelf willen. Dat wij in contact komen met ons diepste verlangen … En dat diepste verlangen in ons is niets anders dan het verlangen naar liefde. Liefde geven en liefde krijgen. Het is uiteindelijk het verlangen naar God zelf. God is trouwens de enige die ons echt kan bevrijden van al de nepverlangens die ons diepste verlangen toedekken. Van de verwachtingen die wij stellen in bevredigingsmiddelen, in al die vervangingsmiddelen die ons verlangen naar echt geluk doen opdrogen.

Meegenomen
Het christelijke vasten heeft bovendien ook een aantal zeer positieve “profane” bijverschijnselen. Op de eerste plaats betekent 40 dagen lang je matigen in eten en drinken een zegen voor je ingewanden, een weldaad voor je hele lichaam. Maar ook voor onze geestelijke gezondheid is het een onvolprezen middel. Je matigen helpt je inzien dat je in het leven niet alles kan hebben. Speciaal voor een generatie die in welvaart is opgegroeid, is het belangrijk in te zien dat geluk niet ligt in “veel” of “alles” hebben, maar dat je moet leren dat je gewoon niet alles kán hebben in het leven en dat je met die beperking best gelukkig kan leven. Dat dat besef zelfs een voorwaarde is om gelukkig te zijn. Maar, zoals gezegd, hoe belangrijk deze “bijverschijnselen” ook zijn, het zijn inderdaad bijverschijnselen.
Het echte doel van het vasten ligt elders.

God
Eigenlijk vast je voor God en voor niets of niemand anders. Het is normaal dat je als christen in deze periode van soberheid en bezinning een deel van je overvloed geeft aan Broederlijk Delen. Maar de idee dat wij moeten vasten om van het uitgespaarde iets te kunnen geven aan de armen is gewoon flauwe kul. Om iets te kunnen geven moeten wij, hedendaagse westerlingen, echt niets uit onze mond sparen. Wanneer wij dan toch vasten, ons iets ontzeggen, sober leven, dan is dat voor God. Het is een manier om onze liefde te tonen voor Hem. En ons geloof in Hem. Het is een manier om Hem te tonen dat wij geloven dat Hij alleen ons volheid van leven kan schenken. Niet genot en comfort, en niet eten en drinken. Maar Hij alleen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s