Geld

Zondag 29 september 2019, zesentwintigste zondag door het jaar (jaar C)

Vorige week hebben we het er al over gehad dat het christelijk geloof een neutrale houding aanneemt t.a.v. het fenomeen geld. Geld is gewoon een betaalmiddel. En het maakt op een voortreffelijke manier het gesleur en gesjouw van de vroegere ruilhandel overbodig.
Maar voorzichtigheid is wel geboden. Geld, rijkdom en bezit kunnen blijkbaar heel gemakkelijk een hartstocht worden. En nogal wat mensen verheffen geld tot god. D.w.z. dat zij er werkelijk door gefascineerd zijn, er alles van verwachten, er al hun vertrouwen in stellen. En dan wordt de jacht op geld een nietsontziende hartstocht, die soms letterlijk over lijken gaat.

Nuttig
Maar ons geloof heeft zeker geen moeite met geld of welstand op zich.
Sommige strekkingen binnen het christendom spreken er zich zelfs expliciet voor uit. Het calvinisme bijvoorbeeld, ziet in welstand een duidelijk teken dat God je goedgezind is en je zegent.
Nogal wat onderzoekers situeren dan ook bij de komst van het calvinisme het ontstaan van het kapitalisme.
Zeker is in ieder geval dat in de 17de eeuw een onbetekenend landje als Nederland, onder invloed van het calvinisme op korte tijd uitgroeide tot de eerste handelsnatie ter wereld. Wat welstand bracht aan heel veel mensen.
Denk bij ons, katholieken, aan de ontelbare congregaties en bewegingen van zusters en paters, die de eeuwen door, reusachtige fortuinen verzamelden.
Niet om zelf een luxeleven te leiden, maar om scholen en ziekenhuizen op te richten en om allerlei nutsvoorzieningen te financieren.
Je kan dus met geld heel veel nuttige dingen doen. En je kan met je geld vooral ook goed doen voor mensen die het minder breed hebben dan jij.
Het mag bovendien gerust ook eens met zoveel woorden gezegd worden dat er ook in onze tijd nogal wat rijke mensen zijn die aanzienlijk veel geld overmaken aan hulporganisaties en stichtingen. Stichtingen die op een heel professionele wijze geleid worden en het leven van minderbemiddelde mensen gezonder, gemakkelijker en aangenamer maken.
Tegenwoordig hebben trouwens ook de meer linkse mensen onder ons zich verzoend met de vrije markteconomie en het privébezit. Ze blijven alert voor overdrijvingen en misbruiken, maar zowat iedereen erkent momenteel de voordelen van privéondernemerschap boven de rompslomp van staatsmonopolies.

Onzinnig
Geld, bezit en vermogen zijn dus helemaal niet vies op zich. Integendeel.
Het enige waar we moeten voor oppassen is dat geld geen hartstocht wordt. Misschien klinkt dat een beetje melig.
Maar wie zou durven ontkennen dat er van geld inderdaad een zeer geheimzinnige aantrekkingskracht uitgaat? Geld verleidt.
Het lijkt wel of het bemind wil worden om zichzelf. Dat het over een soort magisch vermogen beschikt om mensen tot . . . liefdesslaaf te maken.
Iedereen kent het verschijnsel: vele mensen die al veel geld hebben willen altijd maar meer. Hoe meer ze hebben, hoe meer ze er bij willen. En toch . . .
Warren Buffett, één van de allerrijkste mensen van de wereld, die zegt daarover dat zijn verstand daar niet bij kan.
“Niets is zo dom en onbegrijpelijk”, zegt hij, “dan als je al rijk bent, altijd nog rijker willen worden. Dat is toch onzinnig. Zelf blijf ik werken omwille van het pure plezier van het ondernemerschap. Maar nog rijker willen worden als je al rijk bent, dat is toch complete onzin”.
Tot zover Warren Buffett.

Obsessie
Jezus spreekt zich over zulke zaken niet direct uit.
Waar hij wel voor waarschuwt en heel duidelijk gevaar in ziet, is dat hartstocht voor geld heel vaak gepaard gaat met toenemende hardvochtigheid.
Hoe groter de liefde voor het geld, hoe groter de onverschilligheid wordt voor de andere mensen.
Hoe meer rijkdom en bezit een dwanggedachte worden, hoe meer de gevoelloosheid voor de armoede en het leed van anderen toeneemt.
Wanneer geld een obsessie wordt, werkt het heel destructief. Vernietigend voor anderen, maar uiteindelijk ook vernietigend voor onszelf.
Als geld god wordt, dan drogen de levenssappen op. De harten verdorren, vriendschappen doven uit, relaties gaan stuk. Dan wordt de aarde weer woest en leeg. En terwijl wij denken alles te winnen, ontglipt ons het leven zelf, als zand tussen onze vingers.
Want de geldgod is een jaloerse god. Hij eist ons helemaal op, duldt niets of niemand naast zich. Geen mens en ook geen God.
Alle hoop, alle verwachtingen die wij normaal stellen op de echte God, eist deze namaak-god op voor zichzelf. Maar hij blijkt een aartsbedrieger te zijn.

Volheid van leven
Hij is een namaak-god die niets vermag tegen onze ultieme vijand: de dood.
Integendeel, hij brengt de dood zelfs binnen in ons leven. Waar hij heerst, sterft alles af.
Het enige tegengif tegen deze geldgod is de God van Jezus.
Een God die staat voor liefde en warmte, voor bevrijding en volheid van leven.
Volheid van leven voor onszelf en volheid van leven voor de mensen rondom ons.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s