Geheimvol samenspel

Zondag 8 december 2019, 2de zondag van de Advent (jaar A)

Mensen die niet zoveel van het geloof afweten, zal je niet vlug zo ver krijgen dat ze ook effectief eens wat lezen in de Bijbel. Ze menen daarin toch alleen maar wat wereldvreemde overdenkingen te zullen vinden en verhalen die weinig of niets met het echte leven te maken hebben.
Maar dat is natuurlijk een vooroordeel zo groot als een huis.
Want in feite is er geen enkel facet van het leven dat er niet grondig aangepakt en doorgelicht wordt.
En geeft de Bijbel blijk van een opzienbarende diversiteit, een bijzonder breed palet, een verfrissende zin voor afwisseling.
Niets menselijks of het komt aan bod. Naast de verhalen van koningen en bedelaars, van goden en profeten, van heiligen en moordenaars, vind je er bijvoorbeeld ook het “Hooglied”, een van de mooiste liefdesgedichten die ooit zijn geschreven.
Wanneer je uit dat Hooglied niet zo vaak hoort voorlezen in de kerk, dan komt dat waarschijnlijk door de sterk erotische geladenheid ervan.
Daarnaast heb je ook de psalmen die, vaak in een wondermooie en heel ontroerende taal, gans het gamma van menselijke emoties verwoorden.
En waarin je jezelf vaak beter terugvindt dan in de hedendaagse artikels en boekjes voor psychologische hulp.

Utopie
Een tot de verbeelding sprekende en erg poëtische taal vind je dan weer bij Jesaja.
Zoals in de lezing van vandaag, die een beeld wil oproepen van de toestand waarin de schepping zal verkeren als de Vredevorst er mag heersen.
“De wolf huist bij het lam.
De panter vlijt zich neer naast het geitje.
Het kalf graast samen met het leeuwenjong.
En de zuigeling speelt bij het hol van de adder.”
In het rijk van de Vredevorst, het Rijk van God, wordt het onmogelijke waar en het onverzoenlijk geachte, verzoend.
Het lijkt een droom. En dat is het natuurlijk ook: een droom waar je reikhalzend naar uitkijkt. Maar het is geen utopie, die nooit gerealiseerd zal worden. Ooit zal het zover zijn. Dat Rijk van God zal er komen. God zelf staat er garant voor.
En het licht nu al op, nu hier, dan daar, in elk woord en in elk gebaar waarin Jezus herkend wordt.

Zekerheid
Het Rijk Gods is geen utopie.
Het baant zich een weg, onweerstaanbaar. Niemand kan het tegenhouden.
Ook al heeft het de schijn tegen en verloopt niet alles in een triomfantelijke rechte lijn. Ik moet nu ineens denken aan wat de grote Duitse theoloog Dietrich Bonhoeffer zei toen de Nazi’s hem, na langdurige folteringen, naar de executiepaal sleepten. Hij zei: “Wij kunnen niet verliezen”. Waarschijnlijk bedoelde Bonhoeffer: zelfs al zouden wij de realisatie van dat Rijk hier op aarde nooit meemaken, zelfs al zou geen enkele mens die realisatie hier op aarde ooit zien, dan nog zullen wij er volop deel van uitmaken in het andere leven. Op voorwaarde dat wij serieus geprobeerd hebben om dat Rijk hier op aarde te vestigen.
Ik geloof dat dat zo is. En het is een bijzonder troostvolle gedachte bij alle lijden, dat je als christen op je weg kan tegenkomen: wij kunnen niet verliezen.
D.w.z. wij wel, maar niet datgene waar we aan werken: de vestiging van het Rijk Gods, een Rijk van vrede, liefde en rechtvaardigheid. Omdat het uiteindelijk Gods werk, Gods droom is.
Hij wil ons daarbij nodig hebben en zoveel mogelijk aan ons delegeren. En wij kunnen fouten maken, verkeerde wegen gaan en mislukken.
Maar uiteindelijk zal God altijd winnen. Ook al moet die overwinning plaatsvinden binnen het kader van een voor ons bijna onbegrijpelijk samenspel tussen Zijn almacht en de vrijheid die Hij aan mensen geeft . . .

Gerechtigheid
Bij dit alles moet er natuurlijk wel op gewezen worden dat die Vrede van het Rijk Gods, de Vrede die christenen nastreven, een vrede is die het gevolg is van werken aan gerechtigheid.
Want je kan natuurlijk ook een soort vrede afkopen door je neer te leggen bij allerlei onrechtvaardige toestanden. Door je mond te houden en de andere kant op te kijken als je geconfronteerd wordt met onrecht en onderdrukking.
Maar dat is een vrede die gestoeld is op lafheid, een lafheid die juist onvrede bestendigt bij de mensen en de groepen die niet mee aan het feest zitten.
Gerechtigheid en vrede gaan samen. Geen vrede zonder gerechtigheid.
Wil je vrede, zet je dan in voor de strijd tegen onrecht.

Innerlijke vrede
Daar komt nog iets heel belangrijks bij, speciaal voor deze adventstijd, die toch een tijd van inkeer en bezinning is.
Voor een christen is het van het allergrootste belang dat hij—wij hadden het er vorige week al over—dat hij, vóórdat hij de wereld wil veranderen, eerst werkt aan zichzelf. Opdat hij zijn inzet voor de wereld en de mensen vanuit de juiste ingesteldheid kan doen.
Maar ook nog om een andere reden. Namelijk: om vrede in het eigen hart te hebben.
Je kan nooit vrede in je hart krijgen zolang je leven beheerst wordt door hartstochten en emoties, die vechten met het liefdevolle diepste in jezelf.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s