Wie heeft gelijk, Jezus of de reclame?

Zondag 5 juli 2020, Veertiende zondag door het jaar (jaar A)

Vorige week eindigden wij met Jezus’ uitspraak: “Ik ben gekomen opdat ze leven zouden hebben en wel in overvloed”. Dat klinkt erg mooi en aantrekkelijk maar het lijkt wel helemaal in tegenspraak met de harde eisen die Hij ons stelt.
Want elders zegt Jezus dat wie hem wil volgen zijn kruis moet opnemen.
Dat wie zijn leven krampachtig wil vasthouden, het zal verliezen. En, helemaal verbijsterend: “Als gij volmaakt wil zijn, verkoop dan al wat je bezit en geef het aan de armen. En kom dan terug om mij te volgen.”

Kruis
Dat van dat kruis, dat vroeg of laat op je weg komt als je wil leven naar het evangelie, daar hebben we het al over gehad. Dat kruis kan allerlei vormen aannemen. Je ik-gerichtheid intomen, je egoïsme aan banden leggen, is allesbehalve een prettige onderneming.
En het volhouden, er een levenshouding van maken, kan een harde dobber zijn.
Soms mag je dat kruis ook letterlijk nemen. Wij zijn niet overal even populair.
In het Midden-Oosten bijvoorbeeld worden dagelijks christenen vermoord, gewoon omdat ze christenen zijn. En in het westen wordt dat systematisch doodgezwegen door een allesbehalve objectieve pers.
Sterker nog, je kan je zelfs afvragen in hoeverre de compleet onverschillige houding van de westerse media geen koren op de molen is van de christenvervolgers elders in de wereld. . .

Ideologisch
Blijft dan natuurlijk nog het feit dat Jezus het er altijd maar over heeft dat wij onze gerichtheid op onszelf moeten laten varen als wij ten volle willen leven.
Maar dat is nu toch precies het tegenovergestelde van wat ons in deze tijd voortdurend op het hart gedrukt wordt en dat we, eerlijk gezegd, ook graag willen geloven.
Namelijk dat we goed moeten zorgen voor onszelf als we gelukkig willen zijn.
Kijk maar naar al die onderzoeken die gedaan worden naar het geluksgevoel bij mensen. En vooral naar de vragen die daarbij aan de mensen gesteld worden. Die vragen zijn allesbehalve objectief en helemaal doortrokken van de heersende ideologie van consumentisme.
Daardoor is het resultaat ook volkomen voorspelbaar. De gelukkigste landen zijn niet toevallig de landen met de grootste welvaart, de best betaalde jobs, een uitgebreid scholennet, goed georganiseerde gezondheidszorg, veel restaurants en veel ontspanningsmogelijkheden enz. En het ligt niet alleen aan de vragen, de ondervraagden zelf geven aan gelukkig te zijn omdat ze dat allemaal hebben. Omdat gelukkig zijn nu eenmaal geassocieerd wordt met het hebben van al die dingen.
Dat uitgerekend de “gelukkige landen” ook het hoogst aantal depressies en zelfmoorden kennen, doet blijkbaar niet ter zake. Ze zijn gelukkig en daarmee basta.
Maar is dat ook werkelijk zo? Natuurlijk niet. En ieder van ons weet dat.

Plezant
Geluk wordt hier afgemeten aan normen die alles te maken hebben met ons ideologisch systeem en dat klopt gewoon niet.
Het is aangenaam en plezant als je goed geld verdient en kan shoppen en op reis gaan en regelmatig kan uitgaan en kan eten en drinken wat je maar wil.
Dat is inderdaad aangenaam en je wordt daar ook vrolijk van. En ook het feit dat je kan beroep doen op allerlei voorzieningen en dat je je zelfs een zekere luxe kan permitteren, dat maakt je het leven zeker gemakkelijker en je kan ook echt genieten van die dingen. Maar geluk is blijkbaar toch van een andere orde.
Bovendien, dat wij tegenwoordig blijkbaar nood hebben aan altijd maar meer plezante dingen: i.p.v. 1 keer per jaar op reis, 3 of 4 keren. I.p.v. af en toe op restaurant, bijna elke week. Hetzelfde voor fuiven, barbecues enz. kan erop wijzen dat die diepe onderstroom van gelukkig-zijn er niet is.

Geschenk
Gelukkig ben je als je voor jezelf niet al te veel verlangt maar je iets kan betekenen voor anderen. Gelukkig ben je als je genegenheid, waardering en liefde krijgt van anderen en je jezelf ook durft geven om anderen gelukkig te maken.
En dus helemaal niet als je altijd maar alleen voor jezelf zit te zorgen.
En daarom is het dat Jezus gelijk heeft als Hij zegt dat ons leven pas vervulling kent als wij ons egoïsme inbinden en iets proberen te betekenen voor anderen.
Jezus heeft gelijk. En wij wéten dat gewoon. Gelukkig zijn we vooral als we iets krijgen dat we ervaren als een geschenk, iets dat we niet zelf bemachtigd of naar ons toegehaald hebben. De liefde van onze partner bijvoorbeeld of de geboorte van een kindje.
Dat maakt ons gelukkig.
En juist dan beseffen we dat gelukkig-zijn een geschenk is.
Dat we het niet naar ons toe kunnen halen, niet bemachtigen en met geen geld kunnen betalen. Dat gelukkig-zijn iets is wat we krijgen.
Vaak is het een toegift, iets wat ons in de schoot geworpen wordt als we ons inzetten om anderen gelukkig te maken.

Levensvervulling
En daarom zouden die zogenaamde gelukonderzoekers beter concluderen dat welvaart, een goeie job en allerlei voorzieningen het leven gemakkelijker en aangenamer maken. En dat dit dus moet bevorderd worden overal waar er een tekort aan is. Maar dat je daar ook geluk en levensvervulling door vind is gewoon niet waar.
Koken in een keuken van Donald Muylle is zonder twijfel aangenamer dan koken op een ineengezakte ouwe Leuvense stoof. Maar dat je er ook gelukkig van wordt is onzin.
Voor levensvervulling moet je bij Jezus zijn en bij zijn ogenschijnlijk harde eisen van sterven aan je egoïsme.
Wat Hij zegt is gewoon waar. En iedereen kan dat ondervinden.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s