Een nabije God

Zondag 9 augustus 2020, Negentiende zondag door het jaar (jaar A)

Zit u ook met dat gevoel dat de God uit het Oude Testament een eerder angstaanjagende God is, die de legers van Israël vergezelt, soms zelfs voor hen uitgaat om dood en verderf te zaaien onder hun vijanden?
Een theatrale God ook, die imponeert met donder en bliksem, en die toch wel heel erg verschilt van de voorstelling die wij dankzij Jezus van God gekregen hebben.

Zachte bries
Maar eigenlijk is dat verschil vaak alleen maar schijn. Het lijkt in het Oude Testament alleen maar om een andere God te gaan omdat die teksten je vaak op het verkeerde been zetten. Bij een zorgvuldige lezing blijkt dat de joden wel denken en hopen dat God met hen mee ten strijde trekt, maar vaak lijden ze dan toch maar een smadelijke nederlaag.
En wat betreft de bombastische verschijnselen die in het Oude Testament met elke godsopenbaring gepaard lijken te gaan en die elke Hollywoodregisseur doen watertanden, die blijken alleen maar een soort stijlfiguur te zijn, die de openbaring moet aankondigen.
De openbaring zélf, het spreken van God, gaat met heel wat minder lawaai en gedruis gepaard. Dat spreken van God is een heel intiem gebeuren. Het vindt plaats in je hart. En gaat helemaal niet vergezeld van storm of “tekenen aan zon en maan”, maar het lijkt eerder op het “suizen van een zachte bries”, zoals de eerste lezing de ontmoeting van Elia op de Horeb beschrijft.
Anderzijds, dat spreken van God mag dan al zacht en niet-opdringerig zijn, het is altijd wel bijzonder helder, niet voor misverstanden vatbaar.

Orakels
Heel anders dus dan de vroegere orakels. In de oudheid gingen invloedrijke mensen als ze een belangrijke beslissing moesten nemen altijd te rade bij een of ander orakel. Zo’n orakel, dat was nog eens wat. Het bevond zich op heilige plaatsen, waar de godheid sprak door middel van een meestal zwaar gedrogeerde priesteres. Gedrogeerd inderdaad, maar altijd bleek ze toch nog net genoeg bij haar zinnen om heel geraffineerde en heel dubbelzinnige uitspraken te doen.
Koning Cresus bijvoorbeeld, die een oorlog wilde beginnen tegen het geweldige Perzische rijk, kreeg van het orakel te horen: “Een machtig rijk zal ten onder gaan”. Content en helemaal gerustgesteld begon Cresus dus aan de verovering van Perzië. Maar al vlug bleek dat het zijn eigen rijk was dat compleet ten onder ging.
Het orakel had dus altijd gelijk en je kon er dan ook eigenlijk niets mee aanvangen.

Eenduidig
Als God echt tot je spreekt, dan is dat nooit dubbelzinnig, maar kristalhelder.
En hoewel het spreken van God is als “het suizen van een zachte bries”, kan je het nooit “weg-interpreteren”, je kan er nooit alle kanten mee uit.
Natuurlijk zal iemand die niet gelooft alles wat wij hier behandelen terugbrengen tot inbeelding en ervan uitgaan dat heel dat “spreken van God” in werkelijkheid vanonder je eigen hersenpan vandaan komt.
Maar een gelovige weet intuïtief dat dit “van verder” komt: het is glashelder, strijkt vaak tegen de haren in en hoewel je het kan negeren, staat het er als in de rots gebeiteld.

Hoop
Dat spreken van God en de inzichten die we daaruit meekrijgen kan ondertussen over van alles gaan. Vooral echter over ons eigen leven. God wil ons vormen. En ons helpen om ons leven zinvol uit te bouwen. Het heeft dus niks onbehoorlijks om God te vragen je daarbij te helpen. Je moet niet per se altijd iets vragen voor andere mensen. Je mag gerust ook wat voor jezelf vragen.
God wil echt iets betekenen in je persoonlijk leven. Bid. Ga altijd meer en meer intiem met Hem om. Leg je probleem voor Hem neer. Spreek erover.
Vraag om je te helpen. Spreek over je angsten, je mislukkingen en ook over wat je tóch al bereikt hebt. Over je obsessies en verslavingen én over wat je blij maakt.
En na een tijd zal je merken dat spreken met God en met Christus vooral luisteren is.
En God zal je, op de eerste plaats, rust geven. En hoop. Vooral hoop. Bij alles wat je overkomt.

Minnaar
Wij mogen met onze mislukkingen en onze kwetsuren bij Hem komen. De verrezen Heer toont altijd zijn eigen wonden. Hij is zelf geslagen, vernederd, verwond en gekruisigd geweest voor Hij verrees.
Hij is een lichtbaken van hoop. Hoop door alle pijn heen.
En omdat Hijzelf, zoals we dat zeggen bij de consecratie, zelf alles heeft doorgemaakt wat wij ooit kunnen doormaken, mag Hij ons ook troosten, mag Hij ons hoop geven.
Want onze God is geen Albeheerser die majestueus troont boven de planeten.
Hij is een nabije God, die met ons meeleeft, bij wie we zwak en kwetsbaar mogen zijn.
Die ons koestert als alles tegenzit en wij het niet meer zien zitten.
Die nieuwe deuren opent als alle andere deuren voor ons dichtgeslagen worden.
Die ons altijd weer toekomst biedt, het nooit met ons opgeeft.
Hij houdt van ons. God is een minnaar die zich door onze nukkigheden nooit uit het veld laat slaan. Die altijd terugkomt.
Soms zou je zelfs gaan denken: het is God die ons aanbidt. . .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s