Alle kennis is vloeibaar

Zondag 20 december 2020

“Wat hebben ze ons vroeger toch allemaal wijsgemaakt?”, was een uitspraak die je vaak hoorde in de jaren na het 2de Vaticaans concilie. Meestal werd ze gedaan met een knipoog, zonder een spoor van bitterheid: men voelde zich niet echt gedupeerd. En dat wijst erop dat ook de “gewone” mensen allang doorhadden dat de hemel niet echt een kwestie was van rijstpap eten met gouden lepeltjes. En dat de “specialisten” zoals Augustinus in de 4de eeuw al begrepen dat de scheppingsverhalen en dat van Adam en Eva, volkse verhalen waren die een zekere leemte moesten opvullen.
Er was namelijk het universeel menselijk aanvoelen van een mysterie achter de zichtbare werkelijkheid. En precies de zoektocht naar, het willen begrijpen van dat Mysterie, gaf het ontstaan aan de godsdiensten. Maar omdat een mysterie per definitie nooit helemaal te vatten is, zijn er leemten in de kennis en dus ook verschillen tussen de religies.
En krijg je ook allerlei (goedbedoelde) verhalen die die leemtes moeten opvullen. En daar kon je mee leven.

Heibel
Ambras krijg je pas als je vanuit de zoektocht naar het Mysterie al te concrete uitspraken gaat doen over de zichtbare en meetbare werkelijkheid. Want dan zit je op het terrein van de wetenschap. En die gaat, met de tijd, een aantal verhalen overbodig maken en vervangen door exacte kennis.
Zo was het wachten op de Poolse monnik Copernicus om in te zien dat de gedachte dat de zon en de sterren draaien rond het aardse centrum (een gedachte die door het Oude Testament gesuggereerd wordt) gebaseerd is op gezichtsbedrog (als wij gewoon naar de hemel kijken lijkt dat immers ook zo). Maar toen Copernicus achter zijn telescoop ging zitten, zag hij wat anders en legde zo de grondslag van de moderne kosmologie.
Een andere monnik, Mendel, (de man van de chromosomen), ontdekte dat het niet zo was dat “God alle planten en dieren had geschapen, ieder naar hun soort”. Mendel lag aan de basis van de moderne genetica. In de reusachtige kloostertuin kweekte en kruiste hij bonen en erwten naar hartenlust en ontdekte dat wij al een hele voorgeschiedenis hebben als wij geboren worden.
De andere paters in het klooster kregen ondertussen dagelijks die erwten en bonen op hun bord. Het moet daar een erg winderig klooster geweest zijn.
Darwin ten slotte, ontdekte dat zelfs hele soorten evolueren. En zo kan je eindeloos doorgaan.

Toegenomen kennis
Belangrijk is het, te zien dat men ons nooit iets heeft willen wijsmaken. Het is gewoon zo dat de kennis altijd maar groter wordt en oude “inzichten” moeten worden losgelaten.
Speciaal waar het om zaken gaat die behoren tot de zichtbare en meetbare werkelijkheid en die bijgevolg het terrein zijn van de wetenschap.
De Kerk heeft, zoals elk zwaar en log instituut, een hekel aan grote verandering. Ze is echter genoeg rationeel ingesteld om niet te lang de loopgraven in te gaan, maar alles grondig te onderzoeken.
Als ze ons ooit iets heeft “wijsgemaakt”, dan is dat de gedachte dat ze onveranderlijk zou zijn. Dat ze “als een monoliet zegevierend door de eeuwen gaat”, zoals men dat vroeger zei.
Dat is niet waar.
Het behoort juist tot het genie van het christendom dat het alle deugdelijke nieuwe inzichten uiteindelijk omhelst en in zich opneemt.
Precies dáárdoor is de Kerk eeuwig. Sociologisch gesproken dan. Want voor de gelovige is er een andere reden: Christus zelf is haar echte Hoofd.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s