Religieuze ervaring

Ik schrijf dit stukje op nieuwjaarsdag, het feest van de Moeder Gods.
Die titel “Moeder van God” kreeg Maria in het jaar 431 op het concilie van Efeze.
“Kreeg” is zachtjes uitgedrukt, want de menigte die de vergaderende concilievaders buiten het gebouw opwachtte was gewapend met knuppels. Hiermee subtiel aangevend dat een juiste beslissing erg op prijs zou worden gesteld. En indachtig het gezegde: ‘Vox Populi, Vox Dei’. . .
Nochtans ging het hier niet om een of ander anekdotisch gebeuren, maar over iets dat behoort tot de kern van het christendom en over het volstrekt unieke van dat geloof. Het gaat over iets dat behoort tot het begrip “Menswording”.
Over het geloof dat God zich helemaal heeft laten kennen in een mens.

Franciscus
Je kan dit echter ook “omkeren”.
Sinds God mens geworden is, is onze menselijkheid voorgoed met Hem verbonden.
Er is geen God meer zonder de mens. Paus Franciscus zegt het zo: “Het vlees dat Jezus van zijn moeder heeft genomen is nu ook het zijne en blijft het voor altijd. In zijn Moeder heeft God zich kleingemaakt, is Hij materie geworden, niet alleen om met ons te zijn, maar vooral om zoals wij te zijn. Wij zijn nooit meer alleen. Onze eenzaamheid is overwonnen”.
Deze gedachte is zo verbijsterend dat ze van meet af aan en gedurende heel de kerkgeschiedenis bestreden is, al van in Efeze.
Vandaag vind je de afwijzing ervan enigszins vermomd terug in het gebruik van de naam “Jezus van Nazareth”. Maar, Jezus Christus is voor christenen niet zo iemand als Lowieke Van Thienen of Cyriel Van Goetsenhoven. Jezus is ook geen groot man, of een profeet of een uitzonderlijk leraar. Jezus is God zelf, in de gestalte van een mens van vlees en bloed. Dit is wat het christelijk geloof zegt. En dát is ook wat voortdurend bestreden wordt. Niet het feit dat God zou bestaan, maar de gedachte dat Hij zou mens geworden zijn is wat sommigen zo ergert en afstoot.
En toch is het de kern van ons geloof. Wie het verwerpt, verwerpt het evangelie.

Gebed
Is die menswording dan een logische en gemakkelijk te begrijpen opvatting?
Helemaal niet. Ik begrijp er althans niets van. Toch niet met mijn verstand.
Het is iets dat je alleen maar duidelijk wordt in het gebed, in de intieme omgang met God.
Zoals alle grote mysteries van het geloof, gaan ze niet in tegen je verstand, maar je gaat ze alleen maar begrijpen, ze gaan alleen tot leven komen, in het gebed.
Alleen in het biddend contact met God gaan de diepste dingen van het geloof je duidelijk worden. En je ook diep gelukkig maken.
En ook daarom is bidden en meditatie zo belangrijk: het geeft je een diepere kijk op de dingen. En het speelt dus ook een grote rol op het gebied van levensvervulling en gelukkig-zijn. Theologische inzichten kunnen je blij maken en het volgen van morele regels kan je zeker een diepe voldoening geven. Maar gelukkig word je pas, diep gelukkig, als je helemaal doordrongen geraakt van dat diepreligieuze besef van verbondenheid en gedragen worden. Een besef dat je, soms heel onverwacht, als een geschenk in de schoot valt. Maar dat meestal het gevolg is van (volgehouden) gebed.

Diepe verbondenheid
Ik heb het nu over momenten van je intens verbonden weten met God, met heel de kosmos, maar ook met elke mens, met elk dier en zelfs met elke grasspriet. Het diepreligieuze besef: wij horen bij elkaar, wij zijn van dezelfde “soort”.
Hoever staan we hier toch af van het stijf, rationeel bevestigen van het geloof in Gods bestaan. Er is zo oneindig veel meer. Dit gaat over het helemaal doordrongen worden van het besef dat God intens met mij verbonden is.
En dat ik, in Hem, intens verbonden ben met alles wat bestaat.
Het spreekt vanzelf dat je niet elke dag zo’n diepe religieuze ervaringen hebt.
En zeker ook niet altijd even intens. En ik kan me best sterke christenen, zelfs heiligen, voorstellen die zelden zo’n ervaringen hebben. Soms denk ik zelfs dat het hulpmiddelen, geschenken zijn voor hen die ze het meest nodig hebben.

Heilzaam
Maar het is goed dat we deze momenten koesteren. Want ze zijn oneindig belangrijk en heilzaam. Ze brengen ons immers spontaan en zonder grote argumenten tot een levenshouding waarbij we op de meest vanzelfsprekende manier goed willen zijn voor mensen en dieren, voor de aarde, voor de hele kosmos. Omdat we ons ten diepste verbonden voelen met heel de ons omringende werkelijkheid.
Bovendien gaan die diepe ervaringen van gedragen worden door een liefdevolle God en de sterke verbondenheid met alles om ons heen, ons ook gelukkig maken.
Echt religieuze mensen moeten wel gelukkig zijn, zei Georges Brassens, “car, la religion, c’est une question d’amour”. En wie zich bemind weet, is gelukkig.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s