Over wat vroeger de Duivel heette

Zondag 31 januari 2021, Vierde zondag door het jaar (jaar B)

De evangelielezing van deze zondag bericht ons over het optreden van Jezus in de synagoge van Kafarnaüm aan het begin van zijn openbaar leven.
En het blijkt dat Hij van in het begin een buitengewone indruk maakt op de mensen.
“Want”, zo staat er, “Hij sprak niet zoals de Schriftgeleerden, maar als iemand met gezag”. Schriftgeleerden gaven eindeloos veel uitleg over de Bijbel, oeverloos commentaar op de teksten en vaak ook op elkaar. Jezus echter sprak direct en in eigen naam. “Gij hebt gehoord, dat er tot u gezegd is, maar Ik zeg u. . .” En dat wekt niet alleen verbijstering op (later zal juist dát Hem ook aan het kruis brengen) maar het brengt mensen ook tot persoonlijke bekering.
Bemerk hier het grote verschil met ideologen, politieke leiders en activisten van verschillend pluimage die (denk aan Hitler) soms enorme massa’s achter zich krijgen “om de wereld te veranderen”. De anderen dus te veranderen. Jezus’ optreden daarentegen bewerkt persoonlijke bekering.
Mensen die zich in hun eigen leven afkeren van het kwaad en zich toekeren naar het goede. De enige manier overigens om ook maar enigszins iets goeds te kunnen betekenen voor anderen en voor de wereld. . .

Kwaad
Hoe zit dat trouwens met dat “Kwaad” waar we ons moeten van afkeren?
Ik schrijf Kwaad met opzet met een hoofdletter. Niet omdat ik het naar goddelijke hoogten wil tillen, maar omdat ik het ook niet wil bagatelliseren. Het Kwaad is overal prominent aanwezig, in de natuur, in de maatschappij en in de mens. Overal.
Tijdens de middeleeuwen heeft dat Kwaad een gestalte gekregen: een figuur met horens en bokkenpoten en lelijk als de nacht. Maar het Kwaad is niet lelijk als de nacht. Het is heel aantrekkelijk, tintelend en fris. Het gooit werelden van mogelijkheden voor je open en belooft je alles. Maar het vervult niets, het laat uiteindelijk alleen maar brokstukken over en oneindig veel lijden en verdriet, ontreddering en wanhoop.

Kiezen
Heeft het (terechte) afwijzen van de karikatuur van het Kwaad, de duivelsfiguur met zijn bokkenpoten er niet toe geleid dat we het Kwade zelf zijn gaan ridiculiseren? Ik denk het.
Je moet nochtans nogal blind zijn om het niet te zien, in de wereld maar ook diep in jezelf.
Dat aanhangers van Trump het Capitool bestormen, verbijstert ons. Maar hoe velen liggen er wakker van dat, veel dichter bij ons, terug slavenmarkten geopend werden waar mensen als beesten op een jaarmarkt worden gekeurd en verkocht? Ook het Kwaad niet willen zien, maakt er zelf deel van uit.
Het Kwaad bestaat wel degelijk en het is alomtegenwoordig. Het is afzichtelijk, mensonterend, mensvernietigend.
Het is de absolute tegenstander van God-die-liefde is. Als christen moet je dus kiezen. Een beetje van dit en een beetje van dat, kan niet.
Je moet kiezen.

Diep in ons
Het Kwaad in onszelf is blijkbaar ook meer dan een psychische aandoening of een noodlottig toeval.
Er bestaan duistere krachten. “Krachten die zich in de mens en in de wereld verzetten tegen God. Krachten die sterker zijn dan de mens en hem te gronde richten” (zie Vanden Berghe).
Die krachten weten wij ook diep in ons aanwezig. En ze keren zich niet alleen tegen anderen, maar altijd ook tegen onszelf. Het zijn krachten die mensen kleinhouden, verhinderen om echt te leven en om leven te geven aan anderen. Krachten die de absolute tegenpool en tegenstander zijn van Jezus en Zijn liefdevolle Vader.
En telkens als wij er de strijd mee aanbinden moeten we vaststellen dat het Kwaad zich zomaar niet gewonnen geeft, maar integendeel met dubbele kracht terugslaat.
Wij mogen echter nooit opgeven. Zelf kunnen we misschien niet zoveel.
En daarom zou het goed zijn moesten christenen terug meer bidden.
Het klinkt wat belegen, maar wij moeten echt terug meer leven in Gods nabijheid. Ons terug meer verbonden weten met de Heer.
Beseffen dat het christendom herleiden tot een aantal morele voorschriften met daarbij de nodige nobele voornemens, erg naïef is. Als wij het alléén moeten opnemen tegen het Kwaad staan wij zo goed als machteloos. Maar mét de Heer staan wij, om een oude boutade te gebruiken, sterk als een leger in slagorde.
En je beseft dan dat de kracht van God weinig te maken heeft met donder en bliksem, met macht en majesteit.
Dat de kracht van God in de eerste plaats mensen wil vrijmaken.
Vrij om goed te doen. Vrij om te beminnen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s