Contact met God

Zondag 2 mei 2021, Vijfde Paaszondag (jaar B)

Enkele weken geleden vond je op de eerste pagina van ons blad (K&L Glabbeek – Week 16, red.) een artikel van de hand van Dennis Vanden Auweele, auteur van “Bekentenissen van een afvallige atheïst”. De jonge filosoof heeft het daarin over het feit dat iemand die niet wil geloven door geen enkel verstandelijk argument of miraculeus gebeuren zal overtuigd worden.
Bewijs, zegt Vanden Auweele maakt geen geloof. Je moet op de eerste plaats willen geloven, d.w.z. de angst om bij de neus genomen te worden, laten varen.
“Bewijzen” doen weinig of niets ter zake. “Iemand die gelooft, ziet mirakels waar anderen bedrog en hallucinaties vermoeden”.

Zoeken
Vaak zeggen mensen: eerst zien en dan geloven. Maar inzake het al of niet bestaan van God is het net andersom: eerst geloven en dan zien.
Het is pas wanneer je alle innerlijke weerstand hebt laten varen en het geloof een kans geeft, dat de waarheid ervan zich aan je zal ontvouwen. Niet eerder.
Dit houdt dus ook in dat je op zoek moet gaan. Niet, en dat is heel belangrijk, niet naar argumenten, maar naar contact. Contact met God.
Uitkijken naar God. Wachten op God. Een wachten dat soms het karakter aanneemt van een “Waiting for Godot” van Samuel Beckett (die maar niet komt), maar God komt niet op bevel. Uiteindelijk zal blijken dat God meer op zoek is naar ons dan wij naar Hem, maar dat “contact” is absoluut noodzakelijk. Omdat een theoretisch geloof dat alleen gebaseerd is op opvattingen en argumenten of alleen het gevolg is van opvoeding en omgeving, niet beschut is tegen aanvallen van buitenaf.
Een geloof dat stoelt op een relatie met de Heer is dat wel.
Een geloof dat vertrouwelijke omgang met de verrezen Heer inhoudt, leidt tot de ervaring dat Hij er inderdaad is. En zo’n geloof valt niet zomaar omver bij de eerste de beste theoretische tegenwerpingen. Omdat zo’n geloof vaak is uitgegroeid tot een diepe, innige relatie met iemand waarvan je gewoon weet dat Hij onnoemelijk veel van je houdt en alleen maar het beste voor je wil.

Via mensen
Maar hoe zit het dan met de “Goede Werken”, de caritas, mijn liefde voor de mensen?
Uiteraard blijft dat een van de belangrijkste uitingen van ons christen-zijn.
Vaak is het zelfs de enige manier om onze liefde voor God te tonen.
Maar wij zijn er ons wel van bewust dat wij daar geen alleenvertoningsrecht op hebben.
Ook als niet-gelovige kan ik mij inzetten voor de medemensen. Uit politieke of filosofische overwegingen. Of gewoon omdat ik een toffe peer ben.
En dat kan natuurlijk ook gelden voor mensen die wel geloven.
Maar bij christenen speelt toch vooral de gedachte een rol dat God niet alleen van mij houdt, maar van iedere mens. En dat Hij via mij die liefde gestalte wil geven. Dat Hij voor het uiten van zijn liefde mij wil nodig hebben.
Je kent die spreuk wel: God heeft geen andere handen dan de onze.
Zijn liefde voor elke mens werkt bij voorkeur door mensen heen naar anderen.
Hij wil ons nodig hebben en wij willen er bewust op ingaan.
Zowel bij het handelen als bij het willen is er een samenwerking tussen God en mens.
Ik had bijna gezegd: als gelijken. Zo intiem is dit samenspel.

Verbonden
Dit alles houdt natuurlijk ook in dat er een sterke band moet zijn tussen de gelovige mens en de verrezen Heer. Jezus zelf heeft het in het evangelie van vandaag over de ranken die verbonden moeten blijven met de wijnstok.
Een niet mis te verstane vergelijking. De wijnstok is immers leven gevend voor de ranken. De rank die loskomt van de wijnstok verdort.
Los van mij kunt ge niets, zegt Jezus. Een erg boude uitspraak voor mensen zoals wij, die overtuigd zijn van de maakbaarheid van de wereld en van het eigen kunnen.
Maar Jezus mag dat zeggen omdat Hij inderdaad alles voor ons wil en kan betekenen.
Hij wil een tochtgenoot voor ons zijn in het leven, Hij wil ons helpen.
Hij wil een vriend voor ons zijn.

Vragen
Maar vrienden moeten niet alleen maar lief zijn voor elkaar, ze moeten je op tijd ook iets durven vragen. Laatst nog was ik erg teleurgesteld en zelfs een beetje kwaad toen ik ondervond dat een vriend van mij gegeneerd was om mij iets te vragen (iets wat ik graag had willen doen).
Wij mogen er absoluut niet voor terugschrikken om Jezus te vragen ons te helpen.
Wij moeten onze vragen misschien niet al te concreet maken (behalve in hoge nood).
Maar ik kan de Heer wel uitdrukkelijk vragen mij te helpen bij de uitbouw van een zinvol en gelukkig leven. En om, telkens als het leven pijn doet, mij toch te laten voelen dat Hij bij me is, van mij houdt en mij nooit zal laten vallen.
Wij mogen dat vragen want Hij geneert zich ook niet met zijn vraag aan ons.
Jezus vraagt dat wij ons openstellen, opdat doorheen ons, Zijn liefde kan worden doorgegeven aan alle andere mensen.
Wij mogen Hem dus ook wat vragen voor onszelf.
Wat Hij van ons verwacht is ook niet niks.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s